Hier vindt u informatie over burn-out, overspannenheid en stress en de behandelwijze die door het Instituut voor Rationele Therapie wordt toegepast. Wilt u meer informatie over onze behandelingen? Neem dan contact op met het Instituut. U kunt zich ook direct als cliënt aanmelden voor een intakegesprek.

Symptomen

Burn-out – opgebrand zijn –  wordt door psychologen, bijvoorbeeld Ger Keijsers en anderen, gedefinieerd als  een vorm van uitputting door werkgerelateerde stress en/of jarenlange overbelasting. Het belangrijkste kenmerk is een gevoel van uitputting of ernstige vermoeidheidsklachten. Mensen met burn-out zijn hebben het gevoel dat zij niet meer vooruit te branden zijn. Daarnaast merken zij bij zichzelf een afgenomen motivatie voor het werk. Werkzaamheden waarbij routine een grote rol speelt lukken nog net, met veel doorzettingsvermogen en op de automatische piloot. Creatief zijn, nieuwe dingen bedenken lukt niet meer. Mensen met burn-out hebben slaapproblemen en soms lichamelijke klachten zoals hoofdpijn, maagpijn, en duizeligheid. Vaak is er sprake van een verminderde concentratie en geheugen, prikkelbaarheid, angst en een sombere stemming.

Langdurige overbelasting en stress, hoge werkdruk en weinig mogelijkheden om te herstellen worden als oorzaken gezien. Teleurstelling over het niet kunnen bereiken van persoonlijke doelen kan ook een rol spelen.  Ook weinig controle / invloed hebben op de werksituatie kan een factor zijn. In sommige beroepsgroepen, zoals onderwijs en gezondheidszorg,  en in sommige bedrijven komt burn-out vaker voor. Mogelijk zijn hier de werkomstandigheden relatief vaker ongunstig.  Een andere verklaring is dat mensen zich in zeer sterke mate betrokken voelen bij het werk en zich verantwoordelijk voelen voor hun werkzaamheden. ’s Avonds en in het weekend nog maar eens klussen voor het werk doen, waardoor de broodnodige ontspanning erbij inschiet. Persoonlijkheidstrekken zoals perfectionisme en gedrevenheid lijken dan ook samen te hangen met burn-out.

Burn-out is te onderscheiden van andere ziektebeelden zoals depressie en het chronische vermoeidheidssyndroom.  Naar schatting voldoet 4 % van de Nederlandse beroepsbevolking aan de definitie van burn-out.

Behandeling

Bij de behandeling van burn-out met cognitieve gedragstherapie wordt deels gebruik gemaakt van een protocol, een effectief gebleken stappenplan (Keijsers, G., e.a. 2011). Gewerkt wordt met huiswerkopdrachten. Eerst worden de klachten en problemen in kaart gebracht: de factoren die geleid hebben tot het burn-out raken worden samen met u  op een rij gezet. Vervolgens wordt de behandeling  gericht  op vermindering van uw klachten. Vanaf nu houdt u hiervoor een klachtenregistratie bij. Samen met de therapeut wordt een plan gemaakt voor het weer gaan oppakken van ontspannende en aangename activiteiten.  Voorbeelden: ontspanningsoefeningen, hobby’s, sporten, met kinderen of huisdieren spelen, sociale contacten, etc. besproken wordt hoe u vaker momenten van rust / pauze kunt inbouwen. Met behulp van een zelfcontroleprogramma leert u  signalen van spanning, stress en vermoeidheid beter en eerder herkennen. Door op die momenten passende maatregelen te nemen leert u  voorkomen dat klachten erger worden. Een voorbeeld:  u kunt met uzelf afspreken dat u bij het opmerken van een gevoel van gejaagdheid even een korte pauze neemt en een wandeling gaat maken.

In het volgende deel wordt expliciet aandacht besteed aan ondermijnende gedachtepatronen. Negatieve automatische gedachten leiden tot vervelende gevoelens, en inadequaat gedrag. Andersom leiden negatieve emoties ook tot nare gedachten. Het bewust worden van irrationele opvattingen en het ombuigen naar rationele denkwijzen vormt een belangrijke voorwaarde voor ander gedrag. Vaak gaat het om hardnekkige en ingesleten patronen, bijvoorbeeld: ‘ik mag geen fouten maken”, “mensen moeten mij aardig vinden”, “ik mag geen nee zeggen”.

Begeleiding bij de terugkeer naar uw werk is onderdeel van de behandeling. Vaak is het nuttig dat de psycholoog ook mondeling of schriftelijk contact heeft met de bedrijfsarts om onderling  af te stemmen (uiteraard alleen na uw toestemming). Stapsgewijze werkhervatting wordt in de gesprekken steeds doorgesproken. Als hulpmiddel kunt u  een dagboek werkgebeurtenissen bijhouden. De therapeut kan u ondersteunen bij keuzes als: welke taken worden opgepakt? Kunnen knelpunten op het werk met uw leidinggevende besproken worden? Hoe gaat het met uw klachten, nu u het werk weer opbouwt? Hoe om te gaan met conflicten? Soms komt iemand tot de keuze op zoek te gaan naar een andere baan.

 

Klik hier om u aan te melden bij het Instituut voor Rationele Therapie